Verkiezingen 2010: Siegfried Bracke

14 05 2010

Siegfried – Ziegfried­ – Bracke is zachtjes, noch subtiel de politiek binnengedraald. Langs de grote poort van het N-VA fort schreed hij binnen en op zijn eerste persconferentie sloeg hij zijn eigen oud-collega’s meteen met statements om de oren. Statements die hij met een fonkeling van trots in de ogen de bijstelling “heel belangrijk” meegeeft.

Hoewel mijn visie op het partijpolitieke landschap van België al voor Brackes “moeilijkste beslissing uit mijn leven” enige instabiliteit vertoonde, is het niet zo ver beneven de waarheid te onderkennen dat Ziegfried mijn onbesliste stem enkel onbeslister heeft gemaakt. Zelfs ik ben uiteindelijk gaan overwegen wat een stem, wat mijn stem voor N-VA zou kunnen betekenen.

Als ik Bracke moet geloven … – en het valt me best moeilijk hem niet te geloven of me niet op z’n minst af te vragen wat hem drijft in zijn keuze(s) en zijn uitspraken, al was het maar omdat ik hem steeds heb beschouwd als een man van rode gedachten en ik nog steeds het rode (of zich dat nu mengt met groen, oranje, blauw of zelfs geel) nastreef in mijn politieke zoektocht – … als ik hem màg geloven, dan is een stem voor zijn partij een keuze voor de traditie van Hugo Schiltz. Bracke poogt daarmee op te werpen dat de N-VA het pad van dialoog wil bewandelen. Dat lijkt me wel wat …

Maar … al vind ik Schiltz’ traditie reanimeren op zich een nobel en hoopvol idee, ik heb toch enige bedenking bij dit manoevre van de N-VA dat me eerder als een tactische bocht voorkomt, en niet zozeer als een nobele en consequente houding die de N-VA ook de voorbije jaren heeft willen innemen.

Ik zou zoals een van Brackes oud-collega’s kunnen opwerpen waar die fameuze Maddensdoctrine toch is gebleven, maar zie zelf het nut van die vraag niet in, aangezien dat specifieke punt van kritiek makkelijk verworpen kan worden door op te merken dat het innemen van een federaal niveau (ook in mijn ogen) meer kans biedt op resultaat dan het uitroken ervan. Met andere woorden: in verkiezingstijd Maddensdoctrineren kan enkel schade berokkenen: zowel electoraal aan de N-VA als in het algemeen aan ons land of aan de hervorming ervan. Ook dat die Maddensdoctrine toch alles behalve een dialooggerichte houding is, zou nog kunnen worden uitgelegd door op te werpen dat het de Franstaligen waren die met hun ‘Non’ de Vlaamsgezinde politici tot zulk een halsstarrige houding hadden gedwongen – het is toch godgeklaagd, niet waar?

Ik denk evenwel dat de sluwheid van deze Schiltz-adoratie wel duidelijk(er) blijkt als we nog één stapje verder het verleden in zetten, en wel naar de campagne van 2007. Weinig Vlamingen lijken het zich nog te herinneren, maar het ‘Vlaams kartel’ won die verkiezing op een erg sterk en vijandig communautair discours. Dat de one-liners van Yves Leterme, die hem voor de rest van zijn leven zullen achtervolgen, enkel sterk waren, wil ik eventueel erkennen, maar dat de N-VA campagne – “Laat Vlaanderen niet st(r)ikken”, een persoonlijke allusie op Elio Di Rupo – niet vijandig was, is een illusie die ik mezelf, en met mij ook alle andere Vlamingen, wil besparen.

Ik ben er van overtuigd dat CD&V en N-VA zelf verantwoordelijk waren voor het ‘non’ van de Franstaligen in 2007. Niemand die een beetje menselijk is, zou met genoegen aan een onderhandelingstafel gaan zitten waar – zoals dat was aangekondigd – geen compromis, maar een onvoorwaardelijke hervorming zou worden “onderhandeld” (ahum.). Niemand zou ‘oui’ zeggen over onderhandelingen die worden herleid tot onvoorwaardelijk toezeggen. Dat de houding van de Franstalig maandenlang krampachtig ‘non’ is gebleven, wens ik niet goed te praten, maar wél dat er een ‘non’ kwam op de driedubbele eis van (1) een onvoorwaardelijke staatshervorming, (2) een rooms-blauwe regering (zonder tweederdemeerderheid), (3) Yves Leterme als premier.

Het is trouwens Siegfried Bracke zelf die in 2007 opmerkte dat de massale aanwezigheid van leeuwenvlaggen op het verkiezingsoverwinningsfeestje van het Vlaams kartel door de Franstaligen toch niet onthaald zou worden op veel onderhandelingsbereidheid.

Dat de N-VA bij monde van diezelfde Siegfried Bracke zichzelf nu opwerpt als onderhandelingsbereide partij stemt, mijns inziens, niet overeen met de houding die de partij sinds haar ontstaan heeft aangenomen. In 2007 was het met het mes op de keel van de Franstaligen alles of niets. Is dat mes nu werkelijk een uitgestoken hand geworden? Moi, je m’en doute.

De staatshervorming van de N-VA …
… is die nu radicaal en onvoorwaardelijk, en dus gedoemd om op een hoogst begrijpelijk ‘non’ van de Franstaligen te botsen?
… of zal ze gerealiseerd worden met een open en onderhandelingsbereide houding die ik de partij nog nooit aan de dag heb weten leggen, maar waar ze nu wel mijn stem mee probeert te krijgen?


Acties

Informatie

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s




Follow

Get every new post delivered to your Inbox.